Niet iedereen weet van jongs af aan wat hij of zij later wil worden. Neem Rijssenaar Corné Prins. Aan het einde van de havo kan hij vanwege zijn leeftijd niet naar de politie-opleiding, doet met weinig succes een jaar Land- en Watermanagement en studeert vervolgens vier jaar Theologie met het plan jongerenwerker te worden. “Na de propedeuse ben ik gestopt, al die lange verslagen maken, het bleek niets voor mij.”
Maar wat dan, vraagt Corné zich af. “Ik heb een pas op de plaats gemaakt en ben gaan werken als koerier. Twee jaar lang heb ik Nederland, Duitsland en België doorkruist. Tegelijk bleef de vraag in mijn hoofd: wat moet ik nou?” Gelukkig zijn er veel mensen die met hem meedenken. “Het was mijn zus die aandrong: ga eens in de gehandicaptenzorg kijken. Ik zal je eerlijk zeggen: ik dacht, wat moet ik met die mensen?”
Toch begint hij zich te verdiepen in gehandicaptenzorg en vraagt een instelling of hij eens mee mag kijken. “Ik kon terecht bij de J.P van den Bent Stichting. Na drie uur was ik om, dit leek mij wel wat.” Vanaf dat moment solliciteert Corné, hij is inmiddels 24 jaar, naar een bbl-plek. Zonder succes. Een oproep op LinkedIn heeft wel resultaat. “Siloah-locatie De Burcht in Rijssen nodigde mij uit, drie weken later ben ik aangenomen.”
Ik dacht, wat moet ik met die mensen?
Pittig
Corné krijgt een plek op een groep met oudere bewoners, de meesten met een lichte tot matige verstandelijke beperking. Eén dag per week volgt hij de opleiding bij Hoornbeeck Gildeleren in Apeldoorn. “Na twee weken inwerken moest ik al aan de bak als begeleider. Gelukkig stonden we met z’n tweeën op de groep, maar het eerste halfjaar was pittig hoor. Ik ben in de loop van de tijd gegroeid en sta inmiddels vol zelfvertrouwen op de groep. Of ik ooit gedacht heb om het bijltje erbij neer te gooien? Nooit, je hecht je aan de bewoners en ik vind het heerlijk werk waar je lekker jezelf kunt zijn.”
Als je denkt, gehandicaptenzorg is wel wat voor mij, ga dan kijken, waag die sprong in het diepe. Doe het gewoon.
Presentie
Corné is blij dat hij bij een christelijke organisatie werkt. “Het sluit aan bij mijn identiteit, het bidden en Bijbellezen met bewoners heeft echt een meerwaarde. Je ziet dat het ze iets doet. Eén van de bewoners praat nauwelijks, maar als ik een psalm zing gaat hij ook zingen.” Zijn niet afgeronde opleiding Theologie komt ook van pas. “Daar heb ik de presentietheorie geleerd. In Jip- en Janneketaal: je bent in een groep present, ontspannen en met een open houding. Daarbij probeer je voor iedereen aanwezig te zijn en alle bewoners aandacht te schenken. Aan die theorie heb ik vanaf dag één veel gehad.”